Voor Lize, Rowan, Eline en Siham. Bedankt voor het delen en vormgeven van het ongrijpbare.
Mijn interview met Jelko Arts begon als volgt: ‘Ik hoorde dat je uit Mexico komt en hier de jongste bent, wat is jouw relatie met andere Mexicaanse schrijvers?’ Ik antwoordde dat ik ze allemaal heel oud vond en dus eigenlijk geen idee had. Daarna was het de beurt aan Lize Spit, ik vind haar Engelse accent zo leuk. Ze was super grappig. Volgens mij zei ze dat sommige mensen haar roman behoorlijk “Vlaams” vonden. Vervolgens kwam Rowan Hisayo Buchanan, zij komt op mij heel bescheiden over. Wanneer ze iemand bedankt sluit ze altijd haar ogen en daarnaast heeft ze een ontzettend zacht en lief stemmetje. Ik weet nog dat ze zei dat er in haar roman een man aan het woord was en dat we ons dus maar een zwaardere stem moesten indenken. Als vierde was Eline Lund, ze zit altijd kaarsrecht en is heel elegant. Ze is wat serieuzer dan de rest, maar we kunnen goed met elkaar opschieten, zo serieus is ze eigenlijk niet. Haar roman gaat over de diepe gedachten van een meisje dat naar een nieuwe stad verhuist: ze zou moeten werken maar doet uiteindelijk niets. Het is haar tweede roman. Tot slot mocht Siham Amghar het podium op, een meisje dat strijdt voor de rechten van vrouwen. Ze is de enige dichteres in ons groepje en haar vertaalster wist niet eens dat ze poëzie naar het Engels moest vertalen, wat ons allemaal nogal nieuwsgierig maakte. Haar vertaling was goed, maar wel iets minder muzikaal dan het origineel geloof ik. Ik had geen idee waar het gedicht over ging, maar Myrthe vertelde me dat het heel erg mooi was, heel volwassen.
Terwijl zij voorlazen en met hun nieuwe, zelfgecreëerde werelden de wereld overnamen, keek ik verbijsterd naar ze, in hun verhalen gezogen, hangend aan hun lippen als een mot rond een lichtbron. Ik besefte dat dit tijdperk van ons is, ons vrouwen. (Natuurlijk vecht ik niet tegen mannen, maar als ze me dwarszitten wanneer ik in mijn recht sta, sla ik ze toch echt een blauw oog. We zijn allemaal gelijk in onze verschillen, mannen én vrouwen, als twee planeten in hetzelfde zonnestelsel die door de zwaartekracht naar elkaar toe en uit elkaar worden gedreven).
Ik ben niet melodramatisch of sentimenteel, vrijwel nooit geweest. Toch voelde ik me de volgende dag, na ons laatste gezamenlijke ontbijt in het hotel, nadat we afscheid van elkaar namen omdat ieder zijn eigen weg moest gaan en na de laatste stevige omhelzingen, heel weemoedig.
Daarom denk ik dat afscheid altijd op de allerlaatste plek zou moet komen, helemaal onderaan op de laatste pagina van een boek. Haast een onzichtbaar ‘doei’, net als het afscheid van geliefden of zelfmoordenaars. Zij weten immers dat ze elkaar nooit meer zullen zien en dat ze nooit meer dezelfde zullen zijn.
Daarnaast moet afscheid als laatste komen omdat het altijd iets verdrietigs is, tenminste voor mij. Want afscheid nemen betekent mensen loslaten van wie we alleen nog maar kleine deeltjes in onze herinnering zullen meedragen. In de herinnering die groter en weer kleiner wordt en die ooit, net als onze lichamen, in rook zal opgaan. In de herinnering van het moment, van dingen die zojuist net gebeurd en waarvan we diep in ons hart weten dat we die niet nog eens zullen meemaken.
Ik durf te wedden dat we nooit opnieuw samen zullen zijn, op dezelfde plek, op dezelfde tijd. Het maakt me verdrietig, net zoals de melancholische regen wanneer die maar niet ophoudt, en ik voel dat de tijd niet langer van mij is. Dat doet pijn, omdat het voor mij liefde op het eerste gezicht was en ik nu naar Amsterdam moet vertrekken. Ik ben gaan houden van alle mensen die ik tijdens het CBF heb leren kennen; liefde is nu eenmaal eigenwijs en houdt geen rekening met onze wensen, onze impulsen, onze plek in het universum.
Even terzijde: Voor het interview had ik een etentje met Koen en Giovanna, mijn Nederlandse en Italiaanse uitgevers. Ze waren super aardig voor me. Bedankt voor de jas en voor de omslag van de Italiaanse vertaling, ‘Campione Gringo’. Ooit zal ik vertellen wat zij me vertelden en hoe geweldig het was. Voor nu klopt mijn hart wel honderdduizend keer per uur.:)
@Aura Xilonen